Het laatste nieuws
Is iets doen altijd beter dan niets doen?
Als je pijn hebt, wil je vaak maar één ding: dat er iets gebeurt. Een massage, een manipulatie, een behandeling die direct verlichting geeft. Logisch, want het idee dat er actie wordt ondernomen, kan rust en vertrouwen geven. Maar de vraag die je kunt stellen is: helpt ‘iets doen’ ook echt bij herstel?
De kracht van even niets doen
Ons lichaam heeft een groot herstelvermogen. Soms is tijd en rust precies wat nodig is. Denk aan een acute blessure of een plotselinge overbelasting: het lichaam geeft signalen dat het even teveel is geweest. Door tijdelijk minder te belasten, geef je weefsels de kans te herstellen. “Niets doen” kan dus betekenen dat je bewust ruimte geeft aan je lijf, in plaats van het verder te overprikkelen.
Waar ‘iets doen’ helpt
Aan de andere kant kan volledig stilvallen ook nadelig zijn. Te lang niets doen leidt vaak tot stijfheid, verlies van kracht en afnemende belastbaarheid. Juist lichte beweging of gerichte oefeningen kunnen klachten positief beïnvloeden en herstel stimuleren.
Ook passieve behandelingen zoals massage of mobilisaties kunnen daarbij verlichting geven. Ze maken bewegen soms makkelijker, verminderen spanning of geven tijdelijk comfort. Belangrijk om te weten is dat dit effect vaak van korte duur is en het onderliggende probleem meestal niet oplost. Soms is het ook lastig te zeggen of klachten verminderen dóór een behandeling, of simpelweg door het natuurlijke herstel van het lichaam in de loop van de tijd.
Het gaat om timing en balans
De sleutel ligt in het moment: soms is rust de beste stap, soms helpt het juist om iets te doen. Belangrijk is om te handelen op geleide van je klachten. Wordt de pijn erger of voel je scherpe signalen, dan kan rust verstandig zijn. Voelt de belasting goed of ervaar je hooguit wat stijfheid, dan kan bewegen juist veilig en helpend zijn.
Samen beslissen
In de praktijk is het vaak geen kwestie van óf iets doen, óf niets doen. Het gaat om het vinden van de balans. Als fysiotherapeuten helpen wij inschatten wat passend is in jouw situatie: even afremmen en de tijd nemen, of juist geleidelijk opbouwen.
Conclusie
Iets doen is niet altijd beter dan niets doen, maar andersom ook niet altijd. Herstel vraagt om het juiste op het juiste moment: soms rust, soms actie. Belangrijk is dat je leert luisteren naar je lichaam en vertrouwen krijgt in je herstel. Daar begeleiden we je natuurlijk graag bij. Maak een afspraak via ons contactformulier, dan gaan we samen aan de slag!
Als je wel eens bij een fysiotherapeut bent geweest, dan zul je ongetwijfeld deze termen eerder hebben gehoord: belasting en belastbaarheid. In dit artikel leggen we uit waarom ze zo belangrijk zijn bij klachten, én hoe je hier zelf praktisch mee aan de slag kunt.
Wat bedoelen we eigenlijk met belasting en belastbaarheid?
In het kort:
- Belasting is alles wat je lichaam moet doen of te verduren krijgt. Denk aan sporten, werk, wandelen, tillen, maar ook stress of slecht slapen.
- Belastbaarheid is wat je op dat moment aankunt. Dat kan verschillen van dag tot dag en wordt beïnvloed door bijvoorbeeld je conditie, kracht, slaap, voeding, stress en herstelvermogen.
Wanneer de belasting groter is dan je belastbaarheid, ontstaat er vaak overbelasting. Het geldt echter ook andersom: als je te weinig doet en je lichaam nauwelijks prikkels krijgt, neemt je belastbaarheid juist af.
Klachten ontstaan vaak bij een verstoorde balans
Veel klachten komen voort uit een disbalans tussen belasting en belastbaarheid. Dat kan gebeuren doordat je plotseling veel meer doet dan je gewend bent (bijvoorbeeld fanatiek sporten na een periode van rust), maar ook door langdurige herhaalde belasting (zoals langdurig statische houdingen, of repeterende bewegingen).
Ook zien we vaak het tegenovergestelde: mensen worden door klachten voorzichtiger en doen steeds minder. Rust kan in eerste instantie helpen, maar op de lange termijn neemt de belastbaarheid hierdoor juist verder af. Hierdoor kunnen zelfs kleine activiteiten dan al pijnlijk of vermoeiend worden.
Herstel vraagt om opbouw, geen stilstand
Veelvoorkomende valkuilen zijn dus óf doorslaan in activiteit, óf blijven hangen in passiviteit. Herstellen is dus niet zozeer een kwestie van niets doen, maar juist van geleidelijk opbouwen. Door die opbouw goed af te stemmen, krijgt je lichaam de kans om belangrijke structuren (zoals spieren, pezen en gewrichten) weer aan te passen en te versterken. Je belastbaarheid zal weer toenemen. De kunst is om niet te veel, maar ook niet te weinig te doen, en daar zit vaak precies de waarde van een fysiotherapeut in. Wij helpen je inschatten wat haalbaar en verstandig is, en passen dit aan op jouw situatie.
Goede pijn of foute pijn?
Een belangrijk punt bij opbouw: je kunt best iets voelen, zonder dat dit verkeerd is.
Goede pijn is bijvoorbeeld spierpijn, een gevoel van vermoeidheid of lichte stijfheid.
Foute pijn is vaak stekend, scherp of aanhoudend en verergert bij herhaling.
Het is belangrijk dat je leert herkennen wat je voelt en hoe je lichaam reageert. In plaats van uit angst alles te vermijden, helpt het om jezelf juist uit te dagen binnen veilige grenzen.
Het lichaam kan leren
Net zoals je spieren sterker worden van training, leert ook je zenuwstelsel om anders om te gaan met prikkels. Dit is voornamelijk een onbewust proces, maar als je beweegt, oefent en stap voor stap meer gaat doen, neem je ook het brein mee in het herstelproces. Pijn wordt vaak minder als je lichaam positieve ervaringen opdoet met belasting.
Het mooie is dus dat je belastbaarheid trainbaar is. En dat maakt herstel ook hoopvol: je bent niet overgeleverd aan je klacht, maar kunt actief bijdragen aan verbetering.
Samen zoeken naar de juiste balans
Bij Fysiotherapie Middelburg - Goes kijken we niet alleen naar jouw klacht, maar vooral naar jou als geheel. Hoe beweeg je, wat doe je op een dag, wat wil je weer kunnen?
Samen zoeken we naar een opbouw die past, waarbij je voldoende prikkels krijgt om sterker te worden, zonder dat je over je grenzen gaat. We geven je inzicht in je belastbaarheid, begeleiden het herstelproces, en helpen je vertrouwen opbouwen in je lijf.
Kortom: door slim om te gaan met belasting en belastbaarheid leg je de basis voor duurzaam herstel. Daar begeleiden we je graag bij! Neem contact op via ons contacformulier, of bel 0118-714 714
Waarom een diagnose niet altijd helpt
Het is heel begrijpelijk: als je pijn hebt, wil je weten wat er aan de hand is. Iets dat je kunt benoemen en waar je vervolgens wat mee kunt. Ook binnen de zorg zijn we geneigd op zoek te gaan naar een aanwijsbare oorzaak. Maar wat als die er niet altijd is? En is het altijd wel goed om een label te plakken?
Een diagnose lijkt duidelijkheid te geven, en daarmee ook een bepaalde controle. In de praktijk zijn veel klachten echter niet te herleiden tot één duidelijke beschadiging of aandoening. Rugpijn, schouderpijn of knieklachten zijn vaak 'aspecifiek', dat wil zeggen: er is geen concrete schade zichtbaar, of de klachten zijn niet direct te verklaren vanuit een scan of test.
Laten we een schouderecho als voorbeeld nemen. Met behulp van de echo kunnen we bepaalde structuren, zoals pezen en gewrichtsoppervlakten, in kaart brengen. Aan de hand van de beelden kunnen we specifieke aandoeningen (zoals breuken of peesrupturen) in- of uitsluiten. Stel dat er niet zo een aandoening te zien is, dan wil dat nog niet betekenen dat je géén pijn kunt hebben. Het zegt alleen maar dat er geen letsel of ontstekingsproces aanwezig is. Uit dit onderzoek in combinatie met het vraaggesprek en lichamelijk onderzoek, kunnen we bepaalde conclusies trekken, om een 'werkdiagnose' te krijgen.
Het lichaam is niet altijd zo zwart-wit
Hoe belangrijk is het dan dat we concluderen dat het gaat om een peesontsteking, een geirriteerde slijmbeurs, of een overbelaste spier? In de praktijk blijkt dit onderscheid nauwelijks van invloed te zijn op het herstel, en ook daarom noemen we dit soort diagnoses a-specifiek. Daar in de plaats van wordt vaak de verzamelterm SAPS gebruikt. Dit staat voor Sub Acromiaal Pijn Syndroom, oftewel: pijn onder het schouderdak. Met andere woorden: we hebben een idee van het mechanisme en de ontstaanswijze, maar hoe of wat specifiek: dat is eigenlijk niet eens van belang.
Dit alles betekent niet dat de pijn tussen de oren zit, maar wel dat het lichaam complex is. Pijn is niet altijd direct gekoppeld aan weefselschade, en herstel is meer dan het 'repareren' van iets kapots. Het gaat er vooral om dat je leert aanvoelen waar de eigen grenzen liggen.
Een label kan je ook beperken
Een diagnose kan helpen om een richting te geven, maar het kan ook tegen je werken. Denk aan termen als 'slijtage', 'scheef bekken' of 'instabiele enkel'. Zulke woorden kunnen angst aanjagen en het idee versterken dat je lichaam kwetsbaar of kapot is. Terwijl je vaak juist sterker kunt worden door geleidelijk weer te gaan bewegen.
We zien regelmatig dat mensen zich gaan identificeren met hun diagnose, ook als deze a-specifiek is. Het is iets wat bij hen hoort, in plaats van iets tijdelijks. Ook dat staat herstel vaak in de weg.
Dat betekent niet dat de pijn tussen de oren zit, maar wel dat het lichaam complex is. Pijn is niet altijd direct gekoppeld aan weefselschade, en herstel is meer dan het ‘repareren’ van iets kapots.
Begrijpen wat er speelt is waardevoller dan het label
In plaats van te focussen op hoe het heet, kijken we liever naar wat er gebeurt:
- Hoe beweeg je?
- Hoe reageert je lichaam op belasting?
- Hoeveel vertrouwen heb je in je lijf?
- Wat maakt de klacht erger of juist beter?
Als we dat goed begrijpen, kunnen we veel gerichter en effectiever aan herstel werken.
Wat draagt bij aan herstel?
We zijn gewend te denken in termen van onderdelen: als iets kapot is, moet het gemaakt of vervangen worden. Maar het menselijk lichaam werkt niet zo zwart-wit. Herstel draait niet alleen om structuren, maar ook om gedrag, belasting, slaap, stress, voeding en overtuigingen.
Een persoonlijke aanpak is daarom zo belangrijk. Als fysiotherapeut zijn wij specialist op het gebied van het bewegingsapparaat, ons lichaam waar we mee kunnen bewegen. In de laatste jaren zijn we vanuit ons vak steeds meer gaan kijken naar de mens achter de klacht, omdat wetenschappelijke onderzoeken en de ervaring in de praktijk ons leren dat het niet gaat om dat ene onderdeeltje, maar om het geheel. We weten dat aandacht voor het geheel en het geleidelijk op pakken van beweging en activiteiten, in de juiste individueel afgestemde stappen, helpen bij het winnen van vertrouwen en terugdringen van klachten.
Een diagnose kan dus richting geven, maar is niet altijd dé sleutel tot herstel. Bij Fysiotherapie Middelburg - Goes kijken we verder dan het label, en helpen we je om te begrijpen wat je lichaam nodig heeft, zodat je weer met vertrouwen kunt bewegen. Neem contact op om samen aan de slag te gaan!
Van klacht naar kracht: waarom trainen verschil maakt
Bij veel mensen leeft het idee dat bewegen vooral goed is “om in beweging te blijven”. Maar wat als we verder kijken dan dat? Wat als regelmatig trainen (en dan met name krachttraining) niet alleen helpt om klachten te verminderen, maar je ook daadwerkelijk sterker, energieker en zelfverzekerder maakt?
Krachttraining is geen topsport, maar gezondheidszorg
Vaak denken mensen bij krachttraining aan zwetende spierbonken met halters of ingewikkelde apparaten in de sportschool. Maar krachttraining hoeft helemaal niet zo intens of extreem te zijn om effectief te zijn. Sterker nog: 2 keer per week een training doen waarin je de belangrijkste spiergroepen aanspreekt is voor de meeste mensen (zeker boven de 50) precies wat ze nodig hebben.
Wetenschappelijk onderzoek laat keer op keer zien dat krachttraining niet alleen de spieren versterkt, maar ook de botdichtheid verhoogt, het valrisico verlaagt, gewrichtspijn kan verminderen, en bijdraagt aan het reguleren van bloedsuiker en cholesterol. Het heeft dus invloed op de hele gezondheid, niet alleen op ‘de klacht’.
Na een paar weken voel je het verschil
In onze praktijk merken we dat veel mensen zich al na een paar weken fitter en stabieler voelen. Je spieren wennen snel aan de nieuwe prikkel, en met een goede opbouw krijg je vertrouwen terug in bewegen. Zeker voor wie klachten heeft (gehad), is dat vertrouwen een opsteker: je merkt dat je lichaam meer aankan dan je dacht.
Krachttraining maakt je lichaam letterlijk sterker, maar doet ook iets met je hoofd: je voelt meer controle, je beweegt bewuster en kan meer verdragen. Kleine aanpassingen in spierkracht kunnen grote effecten hebben op hoe je je voelt in het dagelijks leven.
De beste tijd om te starten is nú
Vaak horen we mensen zeggen: “Ik wil eerst van de pijn af, daarna ga ik trainen.” In veel gevallen is het trainen juist een deel van de oplossing, waarbij je niet niet pijnvrij hoeft te zijn om te starten. Je kan begeleiding nodig hebben om effectief te starten en vertrouwt te raken met het trainen, maar zodra de basisprincipes duidelijk zijn en je weet wat je moet voelen, kun je zelfstandig verder opbouwen.
Voor wie geen klachten heeft kan krachttraining worden gezien als een investering in zichzelf, in het behoud van zelfstandigheid. In het makkelijker opstaan van de grond, een trap op kunnen met een zware tas, of gewoon het werk kunnen blijven doen zonder pijntjes.
Wij helpen je op weg
In onze praktijk begeleiden we mensen van alle leeftijden die sterker willen worden, met of zonder klachten. Je hoeft geen sporttype te zijn, en ook geen ervaring te hebben. We zorgen samen voor een start die past bij jouw situatie, en bouwen het stap voor stap op.
Wil je zelf ervaren wat trainen voor jou kan doen? Hak de knoop door en ga aan de slag, of laat ons je op weg helpen! Neem contact op voor de mogelijkheden.
Pijn is vervelend, soms zelfs beangstigend. Zeker als het je belemmert in je dagelijks leven of als het telkens terugkeert. Veel mensen denken bij pijn automatisch aan schade of overbelasting, en zoeken daarom rust of een behandeling die het ‘probleem’ oplost. Maar pijn is niet altijd een signaal van iets kapot, en herstel betekent lang niet altijd dat je volledig klachtenvrij moet zijn voordat je weer mag bewegen.
In dit artikel gaan we in op de invloed van gedachten, overtuigingen en gedrag op pijn. Hoe kun je ondanks klachten toch in beweging blijven? Hoe weet je of je lichaam veilig belast kan worden? En wat is de rol van angst, spanning of eerdere ervaringen bij het in stand houden van pijn? We laten zien hoe je door begrip, vertrouwen en geleidelijke opbouw juist vooruitgang kunt boeken, zelfs als de klachten nog niet volledig verdwenen zijn.
Pijn betekent niet altijd schade
Veel mensen denken bij pijn direct aan schade: iets zit vast, is versleten of kapot. Pijn is in de eerste plaats een beschermingsmechanisme van het zenuwstelsel, bedoeld om je te waarschuwen of te remmen. Bij acute pijn, zoals bij het verzwikken van een enkel, neem je vaak automatisch wat meer rust of vermijd je pijnlijke bewegingen, zodat herstel kan optreden. Toch is pijn niet altijd een signaal dat er iets goed mis is in het lichaam, zeker als het al langer aanwezig is. Zo kun je langdurig rugpijn hebben zonder dat er iets te zien is op een scan, en andersom kun je slijtage hebben zonder dat je daar ooit iets van merkt.
Dat klinkt misschien vreemd, maar het is belangrijk om te begrijpen. Als je pijn automatisch koppelt aan schade, is de kans groot dat je bewegingen gaat vermijden uit angst om het erger te maken. Daardoor word je stijver, minder belastbaar en soms zelfs angstiger. Juist dat kan ervoor zorgen dat de pijn blijft hangen of zelfs toeneemt. Je zenuwstelsel raakt als het ware over-alert, en slaat sneller alarm dan nodig is: pijn komt eerder en harder dan nodig binnen.
Pijn wordt ook beïnvloed door je gedachten, eerdere ervaringen en wat je verteld is. Als je ooit gehoord hebt dat je een ‘zwakke rug’ hebt of ‘scheef staat’, dan kan dat beeld blijven hangen, ook als dit niet klopt of inmiddels achterhaald is. Zulke overtuigingen kunnen ervoor zorgen dat je lichaam gevoeliger wordt voor pijnsignalen, zelfs zonder dat er iets aan de hand is.
Hoe we zo’n signaal interpreteren, verschilt per persoon. Neem bijvoorbeeld de situatie waarin het lampje van je brandstoftank aangaat op de snelweg. De één blijft kalm en denkt: “ik kan nog zeker 25 kilometer rijden.” De ander raakt gespannen, zoekt vlot naar het dichtstbijzijnde tankstation en vreest om stil te vallen. Zo werkt het ook met pijn. De ene persoon voelt iets in zijn rug en blijft rustig: “even aankijken, waarschijnlijk niets ernstigs.” De ander schrikt: “help, het schiet erin, dit kan niet goed zijn.” Die stressvolle reactie kan het pijnsysteem juist gevoeliger maken. Als we weten dat stress een negatieve invloed heeft op herstel, op slaap en op ons hele systeem, hoe kunnen we daar dan het beste mee omgaan?
Begrijpen dat pijn niet altijd betekent dat er schade is, kan al rust geven. Door in beweging te blijven en te merken dat je meer kunt dan je dacht, kun je het alarmsysteem van je lichaam opnieuw afstellen. Dit kan een langdurig proces zijn. Kleine, haalbare stappen helpen het vertrouwen terug te winnen. En dat vertrouwen is een krachtig hulpmiddel in herstel.
Waarom klachten blijven hangen
Als pijnklachten langer blijven bestaan, is dat lang niet altijd omdat eventueel beschadigd weefsel nog niet genezen is. Vaak is het lichamelijk herstel allang voltooid, maar is er iets anders wat het herstelproces blokkeert: angst om te bewegen, stress, slechte slaap of het idee dat er nog steeds iets mis is. In dat geval draait het niet meer alleen om het lichamelijke aspect, maar ook om hoe het zenuwstelsel is afgesteld en hoe de fysieke toestand wordt geintrepeteerd.
Chronische pijn (chronisch wil zeggen: langer dan 6 weken aanwezig, níet: vanaf nu voor altijd aanwezig) is dus niet zomaar ‘tussen de oren’, maar wel degelijk echt voelbaar. Tegelijkertijd is het ook beïnvloedbaar. Begrip, geruststelling en stapsgewijze activering kunnen helpen om het pijnsysteem weer in balans te brengen. Dat vraagt om meer dan alleen fysiek behandelen: het vraagt om coaching, uitleg en samen opnieuw durven bewegen.
Hoe herstel wél verder komt
In de praktijk blijkt dat mensen vooral baat hebben bij een actieve benadering van hun klachten. Niet dat passieve behandelingen zoals massage of mobilisatie geen waarde hebben: ze kunnen ondersteunen om ontspanning te bieden, stress te verminderen of beweging makkelijker te maken. Ze vormen alleen zelden de kern van het herstel. Echte verbetering komt meestal wanneer iemand zelf leert omgaan met de klacht en weer vertrouwen krijgt in bewegen.
Herstel vraagt dus om een aanpak waarbij jij als cliënt actief betrokken bent. Niet om alles zelf te moeten doen, maar wel om samen met een behandelaar te onderzoeken: wat speelt er echt? Wat kun je zelf doen, en hoe kunnen we die stappen zo concreet en haalbaar mogelijk maken? Soms zit het in kleine dingen: andere keuzes in je dagelijkse belasting, een beter inzicht in je grenzen of het bewust opbouwen van kracht en conditie.
Wat kun je zelf doen?
Het goede nieuws is dat je meer invloed hebt op je herstel dan je misschien denkt. Juist als je begrijpt hoe pijn werkt en waarom klachten kunnen blijven hangen, kun je ook anders leren omgaan met wat je voelt. Daarmee bedoelen we niet dat je klachten moet negeren, maar wel dat je ze niet groter hoeft te maken dan ze zijn. Pijn mag er zijn, maar het hoeft je niet te remmen in elke beweging die je maakt.
Eenvoudige oefeningen, dagelijkse beweging, beter slapen, stress verminderen en je grenzen leren herkennen zijn vaak waardevoller dan je denkt. En als je ergens over twijfelt: stel vragen. Begrijpen wat er gebeurt, is een belangrijk onderdeel van herstel.
Een goed hersteltraject draait dus niet alleen om wat er in de behandelkamer gebeurt, maar vooral om wat jij daarbuiten weer durft en kunt doen. Door samen te kijken naar wat werkt en waar kansen liggen, ontstaat er ruimte om met vertrouwen stappen vooruit te zetten. Dat is uiteindelijk het doel: dat jij weer zelfstandig en met vertrouwen verder kunt, met of zonder pijn.
Neem contact op en we gaan er samen mee aan de slag!
Bij fysieke klachten zoals nek-, schouder- en rugklachten zoeken veel mensen naar een oplossing in de vorm van behandeling. Binnen de fysiotherapie en andere behandelende disciplines bestaan uiteenlopende verklaringen en technieken. Niet al deze verklaringen zijn even goed wetenschappelijk onderbouwd, en sommige termen kunnen verwarrend of zelfs misleidend zijn. In dit artikel kijken we kritisch naar behandelingen, verwachtingen en de rol van communicatie in het herstelproces.
Zijn behandelingen wel zinvol?
Binnen de genoemde behandelende beroepen worden allerlei termen en verklaringen gegeven voor bijvoorbeeld lage rugpijn. Denk aan uitspraken als een 'scheef bekken' dat gecorrigeerd moet worden. Hoewel dit misschien logisch klinkt, toont geen enkel wetenschappelijk onderzoek een overtuigend verband aan tussen scheefstand en klachten. Bovendien is zo'n scheefstand niet objectief meetbaar en kan geen enkele behandeling dit daadwerkelijk corrigeren. Het krachtenspel dat hierbij komt kijken is simpelweg te groot en de bewegingsmogelijkheden van de betrokken gewrichten zijn te klein. Ons lichaam is sterk en asymmetrieën zijn doorgaans geen directe oorzaak van pijn.
Realistisch blijven kijken naar behandelen
Veel mensen ervaren verbetering na een passieve interventie (zoals massage of mobilisatie). Dit is waardevol, maar de vraag blijft: wat veroorzaakt die verbetering? Mogelijk spelen geruststelling, ontspanning en de natuurlijke pijndemping van het lichaam (zoals de afgifte van endorfines bij massage of manipulatie) een grotere rol dan de correctie zelf. Dit betekent niet dat behandelingen zinloos zijn, maar het is belangrijk om realistische verwachtingen te hebben. Vaak berust een deel van de therapie op het placebo-effect, waarbij een verwachte positieve uitkomst ook zorgt voor een afname van klachten.
Veel passieve behandelingen bieden slechts kortdurende verlichting en lossen het probleem op de lange termijn niet op. Ze kunnen soms helpen om een vicieuze cirkel van pijn en spanning te doorbreken, maar zonder verandering in belasting en belastbaarheid is de kans groot dat klachten terugkeren. Vandaar dat veel mensen periodiek naar hun behandelaar gaan voor een nieuwe behandeling (of zelfs voor bijvoorbeeld een 'APK', wanneer er op dat moment geen klachten aanwezig zijn).
De rol van placebo en communicatie
Is een placebo-effect dan verkeerd als het helpt? Niet per se. Als een behandeling iemand vertrouwen geeft en motiveert om weer actiever te worden, kan dat een positieve invloed hebben op het herstel. Maar het wordt een probleem als patiënten afhankelijk worden van een behandelaar of bang gemaakt worden voor hun klachten. Subtiele opmerkingen als "je wervel staat geblokkeerd" of "ik voel veel spierknopen" kunnen onbewust negatieve verwachtingen creëren en zo het herstel juist vertragen. Dit is het tegenovergestelde van placebo en wordt het nocebo-effect genoemd. Goede communicatie is essentieel om te kunnen ondersteunen in het herstelproces.
Taalgebruik en zelfredzaamheid
Woorden doen er dus toe als het aankomt op zorg. Wanneer je klachten ervaart dan heb je het recht om te weten waar je aan toe bent, zonder dat daarbij overbehandeld wordt. In veel gevallen zijn adviezen, eenvoudige oefeningen en tijd voldoende om te herstellen, zonder dat er ingrijpende behandelingen nodig zijn. Pijn betekent niet altijd schade, en het lichaam heeft vaak een sterk herstellend vermogen. De factor tijd is daarbij van groot belang. Sommige processen van herstel hebben nu eenmaal tijd nodig, en helaas bestaat er nu eenmaal geen enkel bewezen effectieve 'quick fix'.
Waarom dit artikel?
Dit artikel is bedoeld om zowel therapeuten als cliënten te helpen kritisch te blijven kijken naar behandelingen, zodat zorg effectief en passend blijft. Fysiotherapie heeft zich ontwikkeld van een beroep dat vooral bestond uit passieve behandelingen naar een vak waarin begeleiding en actieve herstelstrategieën een grote rol spelen. Dit betekent niet dat hands-on technieken absoluut geen waarde hebben, maar wel dat ze vaak slechts een onderdeel zijn van een bredere aanpak en dat ze ook niet altijd nodig zijn.
Fysiotherapeuten beschikken over uitgebreide kennis van het bewegingsapparaat en herstelprocessen. Met die kennis kunnen we samen met jou kijken naar wat jouw lichaam nodig heeft: voor de één is dat advies en begeleiding, voor de ander eerst pijndemping en bewustwording, en voor weer een ander een gericht oefenprogramma om aan te sterken. Dat is de werkelijke meerwaarde van ons vak: het samen begrijpen van jouw klachten en samen een plan maken voor duurzaam herstel.
Pagina 2 van 9