Het laatste nieuws

Pijn is vervelend, soms zelfs beangstigend. Zeker als het je belemmert in je dagelijks leven of als het telkens terugkeert. Veel mensen denken bij pijn automatisch aan schade of overbelasting, en zoeken daarom rust of een behandeling die het ‘probleem’ oplost. Maar pijn is niet altijd een signaal van iets kapot, en herstel betekent lang niet altijd dat je volledig klachtenvrij moet zijn voordat je weer mag bewegen.

In dit artikel gaan we in op de invloed van gedachten, overtuigingen en gedrag op pijn. Hoe kun je ondanks klachten toch in beweging blijven? Hoe weet je of je lichaam veilig belast kan worden? En wat is de rol van angst, spanning of eerdere ervaringen bij het in stand houden van pijn? We laten zien hoe je door begrip, vertrouwen en geleidelijke opbouw juist vooruitgang kunt boeken, zelfs als de klachten nog niet volledig verdwenen zijn.

Pijn betekent niet altijd schade

Veel mensen denken bij pijn direct aan schade: iets zit vast, is versleten of kapot. Pijn is in de eerste plaats een beschermingsmechanisme van het zenuwstelsel, bedoeld om je te waarschuwen of te remmen. Bij acute pijn, zoals bij het verzwikken van een enkel, neem je vaak automatisch wat meer rust of vermijd je pijnlijke bewegingen, zodat herstel kan optreden. Toch is pijn niet altijd een signaal dat er iets goed mis is in het lichaam, zeker als het al langer aanwezig is. Zo kun je langdurig rugpijn hebben zonder dat er iets te zien is op een scan, en andersom kun je slijtage hebben zonder dat je daar ooit iets van merkt.

Dat klinkt misschien vreemd, maar het is belangrijk om te begrijpen. Als je pijn automatisch koppelt aan schade, is de kans groot dat je bewegingen gaat vermijden uit angst om het erger te maken. Daardoor word je stijver, minder belastbaar en soms zelfs angstiger. Juist dat kan ervoor zorgen dat de pijn blijft hangen of zelfs toeneemt. Je zenuwstelsel raakt als het ware over-alert, en slaat sneller alarm dan nodig is: pijn komt eerder en harder dan nodig binnen.

Pijn wordt ook beïnvloed door je gedachten, eerdere ervaringen en wat je verteld is. Als je ooit gehoord hebt dat je een ‘zwakke rug’ hebt of ‘scheef staat’, dan kan dat beeld blijven hangen, ook als dit niet klopt of inmiddels achterhaald is. Zulke overtuigingen kunnen ervoor zorgen dat je lichaam gevoeliger wordt voor pijnsignalen, zelfs zonder dat er iets aan de hand is.

Hoe we zo’n signaal interpreteren, verschilt per persoon. Neem bijvoorbeeld de situatie waarin het lampje van je brandstoftank aangaat op de snelweg. De één blijft kalm en denkt: “ik kan nog zeker 25 kilometer rijden.” De ander raakt gespannen, zoekt vlot naar het dichtstbijzijnde tankstation en vreest om stil te vallen. Zo werkt het ook met pijn. De ene persoon voelt iets in zijn rug en blijft rustig: “even aankijken, waarschijnlijk niets ernstigs.” De ander schrikt: “help, het schiet erin, dit kan niet goed zijn.” Die stressvolle reactie kan het pijnsysteem juist gevoeliger maken. Als we weten dat stress een negatieve invloed heeft op herstel, op slaap en op ons hele systeem, hoe kunnen we daar dan het beste mee omgaan?

Begrijpen dat pijn niet altijd betekent dat er schade is, kan al rust geven. Door in beweging te blijven en te merken dat je meer kunt dan je dacht, kun je het alarmsysteem van je lichaam opnieuw afstellen. Dit kan een langdurig proces zijn. Kleine, haalbare stappen helpen het vertrouwen terug te winnen. En dat vertrouwen is een krachtig hulpmiddel in herstel.

Waarom klachten blijven hangen

Als pijnklachten langer blijven bestaan, is dat lang niet altijd omdat eventueel beschadigd weefsel nog niet genezen is. Vaak is het lichamelijk herstel allang voltooid, maar is er iets anders wat het herstelproces blokkeert: angst om te bewegen, stress, slechte slaap of het idee dat er nog steeds iets mis is. In dat geval draait het niet meer alleen om het lichamelijke aspect, maar ook om hoe het zenuwstelsel is afgesteld en hoe de fysieke toestand wordt geintrepeteerd.

Chronische pijn (chronisch wil zeggen: langer dan 6 weken aanwezig, níet: vanaf nu voor altijd aanwezig) is dus niet zomaar ‘tussen de oren’, maar wel degelijk echt voelbaar. Tegelijkertijd is het ook beïnvloedbaar. Begrip, geruststelling en stapsgewijze activering kunnen helpen om het pijnsysteem weer in balans te brengen. Dat vraagt om meer dan alleen fysiek behandelen: het vraagt om coaching, uitleg en samen opnieuw durven bewegen.

Hoe herstel wél verder komt

In de praktijk blijkt dat mensen vooral baat hebben bij een actieve benadering van hun klachten. Niet dat passieve behandelingen zoals massage of mobilisatie geen waarde hebben: ze kunnen ondersteunen om ontspanning te bieden, stress te verminderen of beweging makkelijker te maken. Ze vormen alleen zelden de kern van het herstel. Echte verbetering komt meestal wanneer iemand zelf leert omgaan met de klacht en weer vertrouwen krijgt in bewegen.

Herstel vraagt dus om een aanpak waarbij jij als cliënt actief betrokken bent. Niet om alles zelf te moeten doen, maar wel om samen met een behandelaar te onderzoeken: wat speelt er echt? Wat kun je zelf doen, en hoe kunnen we die stappen zo concreet en haalbaar mogelijk maken? Soms zit het in kleine dingen: andere keuzes in je dagelijkse belasting, een beter inzicht in je grenzen of het bewust opbouwen van kracht en conditie.

Wat kun je zelf doen?

Het goede nieuws is dat je meer invloed hebt op je herstel dan je misschien denkt. Juist als je begrijpt hoe pijn werkt en waarom klachten kunnen blijven hangen, kun je ook anders leren omgaan met wat je voelt. Daarmee bedoelen we niet dat je klachten moet negeren, maar wel dat je ze niet groter hoeft te maken dan ze zijn. Pijn mag er zijn, maar het hoeft je niet te remmen in elke beweging die je maakt.

Eenvoudige oefeningen, dagelijkse beweging, beter slapen, stress verminderen en je grenzen leren herkennen zijn vaak waardevoller dan je denkt. En als je ergens over twijfelt: stel vragen. Begrijpen wat er gebeurt, is een belangrijk onderdeel van herstel.

Een goed hersteltraject draait dus niet alleen om wat er in de behandelkamer gebeurt, maar vooral om wat jij daarbuiten weer durft en kunt doen. Door samen te kijken naar wat werkt en waar kansen liggen, ontstaat er ruimte om met vertrouwen stappen vooruit te zetten. Dat is uiteindelijk het doel: dat jij weer zelfstandig en met vertrouwen verder kunt, met of zonder pijn.

Neem contact op en we gaan er samen mee aan de slag!

Bij fysieke klachten zoals nek-, schouder- en rugklachten zoeken veel mensen naar een oplossing in de vorm van behandeling. Binnen de fysiotherapie en andere behandelende disciplines bestaan uiteenlopende verklaringen en technieken. Niet al deze verklaringen zijn even goed wetenschappelijk onderbouwd, en sommige termen kunnen verwarrend of zelfs misleidend zijn. In dit artikel kijken we kritisch naar behandelingen, verwachtingen en de rol van communicatie in het herstelproces.

Zijn behandelingen wel zinvol?

Binnen de genoemde behandelende beroepen worden allerlei termen en verklaringen gegeven voor bijvoorbeeld lage rugpijn. Denk aan uitspraken als een 'scheef bekken' dat gecorrigeerd moet worden. Hoewel dit misschien logisch klinkt, toont geen enkel wetenschappelijk onderzoek een overtuigend verband aan tussen scheefstand en klachten. Bovendien is zo'n scheefstand niet objectief meetbaar en kan geen enkele behandeling dit daadwerkelijk corrigeren. Het krachtenspel dat hierbij komt kijken is simpelweg te groot en de bewegingsmogelijkheden van de betrokken gewrichten zijn te klein. Ons lichaam is sterk en asymmetrieën zijn doorgaans geen directe oorzaak van pijn.

Realistisch blijven kijken naar behandelen

Veel mensen ervaren verbetering na een passieve interventie (zoals massage of mobilisatie). Dit is waardevol, maar de vraag blijft: wat veroorzaakt die verbetering? Mogelijk spelen geruststelling, ontspanning en de natuurlijke pijndemping van het lichaam (zoals de afgifte van endorfines bij massage of manipulatie) een grotere rol dan de correctie zelf. Dit betekent niet dat behandelingen zinloos zijn, maar het is belangrijk om realistische verwachtingen te hebben. Vaak berust een deel van de therapie op het placebo-effect, waarbij een verwachte positieve uitkomst ook zorgt voor een afname van klachten. 

Veel passieve behandelingen bieden slechts kortdurende verlichting en lossen het probleem op de lange termijn niet op. Ze kunnen soms helpen om een vicieuze cirkel van pijn en spanning te doorbreken, maar zonder verandering in belasting en belastbaarheid is de kans groot dat klachten terugkeren. Vandaar dat veel mensen periodiek naar hun behandelaar gaan voor een nieuwe behandeling (of zelfs voor bijvoorbeeld een 'APK', wanneer er op dat moment geen klachten aanwezig zijn).

De rol van placebo en communicatie

Is een placebo-effect dan verkeerd als het helpt? Niet per se. Als een behandeling iemand vertrouwen geeft en motiveert om weer actiever te worden, kan dat een positieve invloed hebben op het herstel. Maar het wordt een probleem als patiënten afhankelijk worden van een behandelaar of bang gemaakt worden voor hun klachten. Subtiele opmerkingen als "je wervel staat geblokkeerd" of "ik voel veel spierknopen" kunnen onbewust negatieve verwachtingen creëren en zo het herstel juist vertragen. Dit is het tegenovergestelde van placebo en wordt het nocebo-effect genoemd. Goede communicatie is essentieel om te kunnen ondersteunen in het herstelproces. 

Taalgebruik en zelfredzaamheid

Woorden doen er dus toe als het aankomt op zorg. Wanneer je klachten ervaart dan heb je het recht om te weten waar je aan toe bent, zonder dat daarbij overbehandeld wordt. In veel gevallen zijn adviezen, eenvoudige oefeningen en tijd voldoende om te herstellen, zonder dat er ingrijpende behandelingen nodig zijn. Pijn betekent niet altijd schade, en het lichaam heeft vaak een sterk herstellend vermogen. De factor tijd is daarbij van groot belang. Sommige processen van herstel hebben nu eenmaal tijd nodig, en helaas bestaat er nu eenmaal geen enkel bewezen effectieve 'quick fix'.

Waarom dit artikel?

Dit artikel is bedoeld om zowel therapeuten als cliënten te helpen kritisch te blijven kijken naar behandelingen, zodat zorg effectief en passend blijft. Fysiotherapie heeft zich ontwikkeld van een beroep dat vooral bestond uit passieve behandelingen naar een vak waarin begeleiding en actieve herstelstrategieën een grote rol spelen. Dit betekent niet dat hands-on technieken absoluut geen waarde hebben, maar wel dat ze vaak slechts een onderdeel zijn van een bredere aanpak en dat ze ook niet altijd nodig zijn.

Fysiotherapeuten beschikken over uitgebreide kennis van het bewegingsapparaat en herstelprocessen. Met die kennis kunnen we samen met jou kijken naar wat jouw lichaam nodig heeft: voor de één is dat advies en begeleiding, voor de ander eerst pijndemping en bewustwording, en voor weer een ander een gericht oefenprogramma om aan te sterken. Dat is de werkelijke meerwaarde van ons vak: het samen begrijpen van jouw klachten en samen een plan maken voor duurzaam herstel.

Sports Motion

Bij Sports Motion willen we ervoor zorgen dat iedereen het maximale uit zijn of haar sportprestaties kan halen. Aan de hand van uitgebreide analyses, zoals de VO2max test met ademgasanalyse en de 3D hardloopanalyse, wordt in kaart gebracht waar jouw verbeterpunten liggen voor jouw training en sport. Op die manier weet je precies in welke zones je zou moeten trainen om jouw sportdoelen te bereiken. Of je nu een ervaren sporter bent die tot het uiterste wilt gaan, of een beginnend sporter die progressie wilt maken zonder daarbij blessures op te lopen, bij ons ben je aan het juiste adres!

VO2 max met ademgasanalyse

In het Sports Motion Lab voeren we inspanningstesten uit aan de hand van een ademgasanalyse. Deze test geldt als de gouden standaard van de inspanningstesten. Tot op het kleinste detail wordt jouw stofwisseling tijdens het sporten in kaart gebracht, waardoor we precies kunnen meten waar jouw krachten en verbeterpunten liggen. 

Op basis van de veranderingen in je hartslag, ademhaling en samenstelling van je ademgassen kunnen we alle belangrijke fysiologische processen in jouw lichaam meten. Denk hierbij aan je VO2max (maximale zuurstofopname), eerste en tweede ventilatoire treshold (ook wel aerobe en anaerobe drempel genoemd), maximale hartslag, ventilatie, ademfrequentie en energieverbruik. 

Het grootste voordeel van de ademgasanalyse ten opzichte van bijvoorbeeld lactaatmetingen is dat het een continue meting betreft in tegenstelling tot losse meetmomenten. Hierdoor kunnen we zeer nauwkeurig registreren op welk moment de belangrijkste fysiologische veranderingen plaatsvinden. Behalve een betere nauwkeurigheid geeft het ook een veel completer beeld, aangezien meerdere fysiologische processen worden gemeten. Op basis hiervan kunnen we een zeer gedetailleerd advies geven welke factoren je kunt verbeteren.

Na de inspanningstest krijgt je de resultaten toegestuurd, inclusief jouw persoonlijke trainingszones en trainingsadvies. Begeleiding door middel van persoonlijke trainingsschema’s op basis van de gemeten waardes behoort hierbij natuurlijk ook tot de mogelijkheden. 

Erwin Sports Motion kf

3D hardloopanalyse

In het Sports Motion Lab kunnen we jouw manier van hardlopen en wandelen analyseren door middel van een 3D loopanalyse. Tijdens de test word je op de loopband gefilmd door 3D camera’s die jouw looppatroon compleet in kaart brengen. Het is belangrijk om te vermelden dat ‘de perfecte looptechniek’ niet bestaat. Iedereen loopt op zijn of haar eigen manier en in ons lab streven we ernaar om juist jouw eigen looppatroon te optimaliseren zonder daarbij te grote veranderingen in de techniek door te voeren. 
Tijdens de 3D loopanalyse krijgen we inzicht in je loopeconomie: op basis van de analyse kunnen we direct zien waar je energie verliest en in hoeverre je efficiënter kunt gaan hardlopen. Door het optimaliseren van de loopefficiëntie zal het hardlopen je minder energie kosten en wordt de impact op het lichaam verminderd.  
Daarnaast krijgen we een overzicht van de symmetrie in jouw loopbeweging en zien we of er sprake is van een disbalans welke met het blote oog vaak niet te zien is. Ook wordt in kaart gebracht waar jouw lichaam de grootste piekbelasting te verduren krijgt en waar je dus het grootste risico op blessures loopt. Door middel van kleine aanpassingen kunnen we dit risico op een blessure drastisch verminderen.
In ons lab is het mogelijk om de analyse op verschillende schoenen uit te voeren en de uitslagen met elkaar te vergelijken. Hierdoor kunnen we direct zien op welke schoen je het meest efficiënt loopt.  

Naast de hardloopanalyse voeren we een fysiek onderzoek uit waarbij we de functionele flexibiliteit, mobiliteit en kracht in kaart brengen. 

Op basis van alle gegevens die we uit de analyses halen, krijg je een zeer gedetailleerd uitslagenrapport mee naar huis, met daarbij advies en oefeningen om jouw eigen looppatroon te optimaliseren. Hierdoor ga je efficiënter lopen en wordt het risico op een blessure drastisch verminderd.  

Afspraak maken

Ben jij er klaar voor om optimaal te kunnen presteren? Maak dan nu een afspraak via 0118 714 714 of Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. 

Een tenniselleboog, in medische termen bekend als epicondylitis lateralis, is een veelvoorkomende aandoening die pijn en ongemak veroorzaakt aan de buitenkant van de elleboog. Hoewel de naam suggereert dat de aandoening vooral bij tennisspelers voorkomt, kan iedereen die herhaaldelijke arm- en polsbewegingen maakt, te maken krijgen met deze klachten. In dit artikel lees je meer over de oorzaken, gevolgen en opties voor behandeling.

Oorzaken van epicondylitis lateralis

Epicondylitis lateralis, waarbij de term "itis" ontsteking impliceert, is eigenlijk geen ontsteking maar een tendinopathie. Dit betekent dat het gaat om een degeneratieve aandoening van de pezen, in plaats van een ontstekingsproces. De aandoening ontstaat door overbelasting van de spieren en pezen rond de elleboog, met name die van de extensor carpi radialis brevis. Hierdoor ontstaan microscheurtjes, wat resulteert in pijn en verminderde functie van de arm. Deze overbelasting kan het gevolg zijn van repetitieve bewegingen en activiteiten die de onderarmspieren herhaaldelijk aanspannen, zoals het tillen van zware voorwerpen, schilderen, typen of inderdaad tennissen. 

Gevolgen van de aandoening

De belangrijkste symptomen van een tenniselleboog zijn (scherpe) pijn en gevoeligheid aan de buitenkant van de elleboog, die kan uitstralen naar de onderarm en pols. Je kunt door de aandoening ook zwakte ervaren bij het vastgrijpen van objecten of het uitvoeren van handelingen waarbij de onderarm betrokken is. Deze symptomen kunnen je dagelijkse activiteiten belemmeren en de kwaliteit van leven negatief beïnvloeden.

Echografie

Echografie kan een rol van betekenis spelen om een juiste diagnose te kunnen stellen. Het kan worden ingezet om de aanwezigheid van een tenniselleboog te bevestigen of uit te sluiten, evenals om het stadium van de tendinopathie in kaart te brengen. Met behulp van echografie kunnen de mate van peesdegeneratie, eventuele scheurtjes en de aanwezigheid van ontstekingsmarkers worden beoordeeld. Dit kan meer duidelijkheid geven over het te verwachten verloop van de klacht en kan helpen om de juiste aanpak te bepalen. 

Fysiotherapeutische behandeling

Vanuit fysiotherapeutisch oogpunt zijn er diverse behandelingsmogelijkheden voor epicondylitis lateralis, waaronder:

  1. Oefentherapie: Specifieke oefeningen om de kracht en flexibiliteit van de onderarmspieren te verbeteren. Dit kan progressieve spierversterking en rekken omvatten.
  2. Manuele Therapie: Mobilisatie van de gewrichten en zachte weefsels rondom de elleboog om pijn te verlichten en de beweeglijkheid te verbeteren.
  3. Dry Needling: Het gebruik van naalden om triggerpoints in de spieren los te maken, wat pijnverlichting kan bieden.
  4. Shockwave Therapie: Het gebruik van schokgolven om de genezing van weefsels te bevorderen en pijn te verminderen. 
  5. Bracing of Taping: Het gebruik van braces of tape om de belasting op de pezen te verminderen en steun te bieden tijdens activiteiten.

Effectiviteit van behandelingen

Hoewel er veel behandelingen beschikbaar zijn, toont onderzoek aan dat de effectiviteit van deze interventies vaak beperkt is. Veel studies suggereren dat geen enkele behandelmethode significant beter is dan andere bij het versnellen van het herstel. Helaas bestaat er dan ook geen 'quick fix', hoe graag we dit ook zouden willen. Hoewel onderzoeken naar shockwave veelbelovend zijn bij behandeling van diverse peesaandoeningen, is er nog te veel onduidelijkheid omtrent de behandeling bij de tenniselleboog specifiek, om hard te kunnen maken dat deze methode meer effectief is. In de praktijk zien we dat shockwave een rol kan spelen in het doorbreken van de negatieve cirkel van de klachten, maar dat alsnog een goede dosering van belasting nodig is om tot verbetering te komen. Dit onderstreept het belang van geduld en aanpassingen in activiteiten om verdere irritatie van de pezen te voorkomen. Over het algemeen verdwijnen de klachten van een tenniselleboog vanzelf binnen een jaar.

Conclusie

Epicondylitis lateralis is een uitdagende aandoening die een aanzienlijke impact kan hebben op het dagelijks leven wanneer je de klachten hiervan ervaart. Hoewel er diverse fysiotherapeutische behandelingen beschikbaar zijn, is er weinig wetenschappelijk bewijs dat één specifieke methode superieur is. Het belangrijkste aspect van de behandeling is het aanpassen van activiteiten om verdere overbelasting te voorkomen en het geven van voldoende tijd voor herstel. Je kunt erop rekenen dat met geduld en zorgvuldige aanpassing van activiteiten, de symptomen meestal vanzelf verdwijnen binnen een periode van een jaar. De fysiotherapeut kan een rol spelen in het inzichtelijk krijgen van de oorzaken en kan begeleiden in het herstelproces. Twijfel niet om contact op te nemen als je klachten ervaart, dan gaan we samen op zoek naar een passende ondersteuning!

Fysio op Afstand: Fysiotherapie Overal Binnen Handbereik

In het drukke leven van vandaag de dag, heb je bij fysieke klachten misschien niet altijd de tijd om een afspraak met een fysiotherapeut in te plannen. Daarom hebben wij een oplossing voor jouw fysiotherapiebehoeften die past in de moderne tijd! Met Fysio op Afstand heb je de mogelijkheid een online videoconsult met een van onze fysiotherapeuten in te plannen. 

Wat is Fysio op Afstand?

Fysio op Afstand is onze dienst die je in staat stelt om op een laagdrempelige en toegankelijke manier contact te leggen met een fysiotherapeut, zonder dat je daarvoor naar de praktijk hoeft te komen. Via video-consulten kunnen wij jouw vragen beantwoorden, advies geven en je begeleiden bij oefeningen die jouw herstel bevorderen. Zo hoef je niet langer tijd te besteden aan reizen of wachten in de wachtkamer. Je krijgt de zorg die je nodig hebt, waar en wanneer het jou uitkomt.

Hoe werkt het?

Het proces is eenvoudig:
1. Afspraak Maken: Plan een afspraak via onze website of telefonisch.
2. Voorbereiding: Ontvang een bevestiging met instructies voor het video-consult.
3. Consult: Overleg met jouw fysiotherapeut via een beveiligde videoverbinding. Bespreek je klachten, stel vragen en krijg direct advies.
4. Vervolg: Indien nodig, plannen we vervolgafspraken of sturen we aanvullende informatie en oefenmateriaal per e-mail.

De Voordelen van Fysio op Afstand

- Toegankelijkheid: Bereik ons vanuit elke locatie met internettoegang.
- Tijdsbesparing: Geen reistijd en wachttijden.
- Flexibiliteit: Plan afspraken die passen in jouw drukke schema.
- Direct advies: Snel en gericht antwoord op uw vragen.
- Persoonlijke aandacht: Hoogwaardige zorg en aandacht, net als bij een fysiek bezoek.
- Geen extra kosten: Fysio op Afstand wordt net als een normaal fysiotherapieconsult vergoed vanuit de aanvullende verzekering.

Voor wie is Fysio op Afstand geschikt?

Fysio op Afstand is ideaal voor mensen met drukke agenda's, beperkte mobiliteit of degenen die even niet in de buurt zijn. Het is ook een ideale manier om het verloop van de klachten te evalueren en om bij te sturen waar nodig.

Bij welke klachten is Fysio op Afstand geschikt?

Veel fysieke klachten vereisen vooral inzicht in het ontstaan en het beloop ervan, met daarbij de juiste adviezen en oefeningen om de klachten terug te dringen en herhaling te voorkomen. De fysiotherapeut is specialist op dit gebied. Bij veel acute maar ook chronische klachten, zoals nek- en lagerug pijn, problemen met de gewrichten zoals schouder, knie en enkel, en bij plotse blessures is het goed om te weten waar je aan toe bent en zijn wij er om je hierbij te ondersteunen naar een optimaal herstel. Mocht blijken dat een fysieke afspraak toch gewenst of nodig is, dan bespreken we dit uiteraard.

Maak een afspraak

Ontdek hoe Fysio op Afstand de ondersteuning bij jouw klachten gemakkelijker kan maken. Plan een eerste video-consult en ervaar de voordelen van fysiotherapie online. Maak een afspraak via ons contactformulier of bel ons op 0118-714 714. Wij staan klaar om u te helpen bij uw herstel!

Pijn van de schouder en beperkingen in het bewegen met de schouder zijn klachten die erg vaak voor komen. De schatting is dat per jaar 31% van de bevolking te maken krijgt met deze klachten 1. In de meeste gevallen blijkt dat de klachten vanzelf weer afnemen, aangezien circa 30% van de mensen die zich bij de huisarts meldt met een schouderklacht na 6 weken klachtenvrij is, circa 50% na 6 maanden en circa 60% na één jaar 2.
Toch laat dit zien dat er nog een aanzienlijke groep is die langere tijd klachten heeft. In dit artikel zoomen we in op één van de mogelijke oorzaken van deze schouderpijn: de calcificerende tendinopathie, oftewel, een verkalking in een van de schouderpezen.

Calcificerende tendinopathie

De meest voorkomende categorie van schouderklachten is het sub-acromiaal pijnsyndroom (SAPS), een verzamelterm voor klachten die zich rondom de schouderkop en de bovenarm presenteren en die zorgen voor een beperking in het zijwaarts heffen van de arm. Voor het maken van de bewegingen van de schouder maak je gebruik van het samenspel van vele structuren, zoals botten, spieren en pezen. 
Pezen zijn opgebouwd uit weefsel wat erg (trek)sterk is, het in bundels aangelegde collagene bindweefsel. De pezen zorgen voor een verbinding tussen spier en bot en hebben als functie om de samentrekking van de spiervezels om te zetten in beweging van het bot. Peesweefsel voert deze functie doorgaans probleemloos uit, maar door bijvoorbeeld een onbalans in de belasting (datgene wat we doen) en de belastbaarheid (datgene wat we aankunnen), kan er een tendinopathie (geirriteerde pees) ontstaan. Wanneer er zich in de tendinopatische pees ook kalkafzettingen vormen, dan spreken we van een calcificerende tendinopathie.
Waarom er kalk in een pees vormt is niet geheel duidelijk, wel is bekend dat vaak herhalende bewegingen van invloed kunnen zijn. Ook verminderde stofwisseling in de pees speelt een rol 3,4.

Kalk in de schouderpees. Wat nu?

Het is belangrijk om duidelijk te stellen dat de aanwezigheid van kalk in een pees niet per definitie gelijk staat aan pijn of beperkingen in de schouder. In 5 tot 10% van de gevallen is een gevonden kalkafzetting namelijk a-symptomatisch, dat wil zeggen: er worden geen klachten aangegeven bij dit deel van de populatie die een kalkafzetting in de pees heeft. Echter is het voorkomen van een verkalkte schouderpees bij mensen met SAPS-klachten aanzienlijk groter, namelijk 40-50% 5. Als er bij schouderklachten vanuit het vraaggesprek en het lichamelijk onderzoek wordt vermoedt dat er een kalkafzetting in een van de pezen zit en dat de klachten daarmee samenhangen, dan wordt ingezet op oefeningen en aanpassingen in het bewegen om de klachten te doen verminderen. Ook passende informatie en adviezen komen aan bod. Dit noemen we binnen de fysiotherapie een conservatief beleid, welke in de meeste gevallen volstaat om tot herstel te komen.

De waarschijnlijkheid dat een kalkafzetting klachten veroorzaakt, heeft onder andere te maken met de grootte en het type van de verkalking, en de fase waarin deze zich bevindt.

Fasen van verkalking

Iedere verkalking heeft namelijk specifieke kenmerken en volgt een bepaalde cyclus (afbeelding 1), welke begint bij het veranderen van de lokale stofwisseling in de pees ('pre-calcific stage'): het formeren van kalkkristallen in het peesweefsel ('formation phase'). In deze fases zijn er vaak nog geen klachten of beperkingen aanwezig, van pijn is maar beperkt sprake. Wanneer de kalkkristallen vervolgens samenklonteren tot een kalkdepot ('resting phase'), dan kan dit milde pijn en beperkingen in het bewegen tot gevolg hebben. In de daarop volgende fase komen er ontstekingsprocessen in de pees op gang, met als doel het kalkdepot op te ruimen ('resorption phase'). Deze fase kan plots erg pijnlijk zijn, waarbij vaak genoemde klachten stekende pijn, onvermogen om de arm te heffen en nachtelijke pijn zijn. Hoewel deze fase dus de nodige beperkingen met zich mee kan brengen, is het eigenlijk goed nieuws! Het lichaam gaat aan de slag om allereerst de kalk te verwijderen, en vervolgens weer de pees te versterken ('post-calcific stage'). Wanneer met deze natuurlijke cyclus van herstel rekening wordt gehouden, dan zullen op termijn de pijn en beperkingen weer afnemen.
Calcificatie fase
Afbeelding 1, Naar Uhthoff & Loehr (1997); Chiou et al (2010).

Echografie

Er zijn nog veel onduidelijkheden over het mechanisme en de duur van iedere fase van de cyclus, welke soms maanden tot enkele jaren in beslag kunnen nemen. Omdat ze ieder wel specifieke kenmerken hebben die op te vangen zijn in het echobeeld, kan het bij klachten die langer dan 3 maanden duren zinvol zijn om met behulp van echografisch onderzoek in kaart te brengen om welk type verkalking het gaat en in welke fase deze zich precies bevindt. Ook de grootte van de verkalking kan iets zeggen over het te verwachten beloop van de klacht 5,6,7.
Het echobeeld wordt door de fysiotherapeut altijd getoetst op de relevantie in relatie met de klachten, aan de hand van het lichamelijk onderzoek en hoe de klachten zich uiten. Door al deze informatie te bundelen, kan er meer duidelijkheid ontstaan over wat er te verwachten valt ten aanzien van het herstel en kan de fysiotherapeutische ondersteuning mogelijk beter aansluiten.

Een verkalking in de schouderpees op echobeeld

Behandeling

Bij algemene schouderklachten wordt er met een stappenplan (stepped-care) gewerkt. Als eerste interventie komt het genoemde conservatieve beleid. Indien hevige klachten aan blijven houden, dan kan een corticosteroïde injectie bij de huisarts verlichting van klachten geven. Het is raadzaam terughoudend te zijn met injecties omdat deze bij veelvuldig gebruik een negatieve invloed kunnen hebben op de kwaliteit van het peesweefsel.
 
Als de klachten ondanks bovenstaand beleid langer dan 3 maanden blijven aanhouden en wanneer uit echografisch onderzoek blijkt dat het gaat om een relevante verkalking van de pees, dan kan een volgende stap wellicht leiden tot verbetering.
Zo wijst onderzoek uit dat een barbotage (het met een naald aanprikken van het kalkdepot) en het toepassen van hoog-energetische shockwave (FSWT) op termijn kan leiden tot afname in pijn en toename in functie 8. Beide interventies hebben als doel om het natuurlijk herstelproces verder op gang te helpen en de cirkel van klachten te doorbreken. Bij dit onderzoek werd in beide groepen een verbeterde pijnscore en toename in functie van de schouder gevonden bij evaluatie na 6 weken en tot het einde van de studie na 1 jaar. De onderzoekspopulatie (82 personen) had daarvoor reeds een onsuccesvol conservatief beleid gevoerd en had gemiddeld al 3 jaar klachten. Een belangrijke kanttekening bij dit onderzoek is dat er geen controlegroep was die continueerde met het conservatieve beleid.
Een ander literatuur onderzoek, waarin verschillende behandelopties met elkaar worden vergeleken, wijst erop dat hoog-energetische shockwave (FSWT) effectiever is bij het behandelen van de calcificerende tendinopathie dan laag-energetische shockwave (RSWT) en een placebo behandeling (nep-RSWT) 9.
Hoog-energetische shockwave kan worden toegepast bij in het Pees Herstel Centrum, barbotage wordt doorgaans uitgevoerd in het ziekenhuis. In de meeste gevallen wordt dan ook geadviseerd om eerst de shockwave toe te passen, waarna bij onvoldoende effect barbotage kan volgen. 

Gefocuseerde shockwave behandeling

In het kort

Klachten van de schouder is een vaak gezien probleem in de praktijk van de huisarts en de fysiotherapeut. Een verkalking in een schouderpees hoeft echter niet altijd een probleem te zijn. Sterker nog, bij schouderklachten met daarbij een verkalkte pees is herstel in verreweg de meeste gevallen te verwachten gezien het natuurlijke beloop van deze klacht. Met passende adviezen, aanpassingen en oefeningen kunnen de klachten dan ook goed worden ondervangen. Mochten de klachten desondanks toch aan blijven houden, dan kan echografie mogelijk meer duidelijkheid scheppen en kan hoog-energetische shockwave (FSWT) een positieve invloed hebben op de pijn en functie van de schouder. 

Loop jij rond met schouderklachten en wil jij gezien worden door een van onze specialisten voor passend advies? Neem dan contact met ons op!

Literatuur

1. Picavet HS, Schouten JS. Musculoskeletal pain in the Netherlands: prevalences, consequences and risk groups, the DMC(3)-study. 2003.
2. Damen GJ, et al. NHG-Standaard Schouderklachten. 2019.
3. Uhthoff HK, Loehr JW. Calcific tendinopathy of the rotator cuff: pathogenesis, diagnosis, and management. 1997.
4. Chiou HJ, et al. Correlations among mineral components, progressive calcification process and clinical symptoms of calcific tendonitis. 2010.
5. Louwerens JKG, et al. Prevalence of calcific deposits within the rotator cuff tendons in adults with and without subacromial pain syndrome: clinical and radiologic analysis of 1219 patients. 2015.
6. Ogon P, et al. Prognostic cactors in nonoperative therapy for chronic symptomatic calcific tendinitis of the shoulder. 2009.
7. Le Goff B, et al. Assessment of calcific tendonitis of rotator cuff by ultrasonography: comparison between symptomatic and asymptomatic shoulders. 2010.
8. Louwerens JKG et al. Comparing ultrasound-guided needling combined with a subacromial corticosteroid injection versus high-energy extracorporeal shockwave therapy for calcific tendinitis of the rotator cuff: a randomized controlled trial. 2020.
9. Wu YC, et al. Comparative effectiveness of nonoperative treatments for chronic calcific tendinitis of the shoulder: a systematic review and network meta-analysis of randomized controlled trials. 2017.

Pagina 3 van 10